Huisarts Jessika
Steeds minder jonge huisartsen willen praktijkhouder worden, terwijl het hebben van een vaste huisarts bewezen voordelen met zich meebrengt. De Barneveldse Jessika de Heus durfde het wél aan. ‘Een praktijk runnen is niet zo eng als het lijkt.’
Huisarts Jessika de Heus had onlangs een patiënte op leeftijd, die na een hartinfarct opgenomen werd in het ziekenhuis. Nadat ze het ziekenhuis had verlaten, liet de vrouw aan de praktijkondersteuner weten spijt te hebben van haar keuze om opgenomen te worden; had het nog wel zin? Was haar leven eigenlijk niet al voltooid geweest? Toen ze een paar maanden later opnieuw een hartinfarct kreeg, besloot De Heus haar met spoed te bezoeken voordat de ambulance haar zou ophalen. ‘Ik vroeg haar: wat zou je willen?’ Wat volgde was een goed gesprek over kwaliteit van leven, waarna de vrouw besloot zich toch opnieuw te laten opnemen. ‘Later zei ze bij mij op spreekuur: de keuze om wel of niet opgenomen te worden is toch niet zo zwart-wit als ik dacht. Ze vond het fijn om rustig te bespreken welke behandelingen ze wel en niet wilde en was blij dat ze geen overhaaste keuze had gemaakt.’ Omdat De Heus haar patiënt had leren kennen, kon ze afwijken van de vaste protocollen en zorg op maat leveren.
Hoe bevalt het praktijkhouderschap tot nu toe?
‘Heel goed, ik voel me als een vis in het water. Omdat ik zelf uit Barneveld kom, passen de patiënten - die voornamelijk uit Lunteren en Barneveld komen - goed bij me. We spreken dezelfde taal. Daarnaast beleef ik veel plezier aan het ondernemen.’
Wanneer wist jij dat je huisarts wilde worden?
‘Dat is van jongs af aan mijn droom geweest. In mijn vroegste herinneringen zie ik mezelf op de peuterspeelzaal met een dokterstas, doktertje spelend met vriendjes en vriendinnetjes. Mijn moeder zei wel eens gekscherend dat mijn eerste woordje 'penicilline' was.’
‘Waar die interesse als kind vandaan kwam, weet ik niet. Later op de middelbare school vond ik biologie heel interessant, vooral het functioneren van het menselijk lichaam. Maar daarnaast ook het idee van ‘iemand beter maken’ en de sociale contacten die bij het vak komen kijken. Bij een medisch specialist stopt het contact als de behandeling is afgelopen, maar als huisarts bouw je een band op met je patiënten. Soms loop je wel dertig jaar mee met iemand, of behandel je een hele familie. Dat vind ik bijzonder.’
De Heus volgde met veel plezier de opleiding geneeskunde in Utrecht.. Na het behalen van haar diploma in 2021 ging ze aan de slag bij een praktijk in haar geboortedorp Stroe. In haar zoektocht naar een eigen huisartsenpraktijk in de regio kwam ze 3 jaar later bij de praktijk van Pauline Broekhuyse in Lunteren uit, die het stokje graag wilde overdragen. Er was een ‘goede klik’ en na een week meedraaien werd de knoop doorgehakt: De Heus zou de praktijk overnemen.
Waarom koos jij wél voor een eigen praktijk?
‘Zodra ik de opleiding afrondde, wist ik dat ik zo snel mogelijk een eigen praktijk wilde. Deels omdat ik het mooi en belangrijk vind om patiënten die lange verbintenis te garanderen en een langdurige relatie op te bouwen. Daarnaast past het ondernemen goed bij me. Ik kom uit een familie vol ondernemers: mijn ouders runden vroeger een kaaswinkeltje, mijn ene zus heeft een eigen fysiopraktijk en de ander een bedrijf in consultancy. De autonomie die je als ondernemer hebt, spreekt me aan. Ik heb de vrijheid om de praktijk op mijn eigen manier in te richten.’
Wat hoop je te bereiken met jouw eigen praktijk?
‘We hebben op dit moment nog ruimte voor nieuwe patiënten, dus ik hoop daarin nog wat te groeien. Tegelijkertijd geloof ik in kleinschaligheid en vind ik het belangrijk om de patiënten persoonlijk te blijven kennen.’
‘Ik wil op termijn ook meer proactief zorg verlenen en inzetten op preventie en een gezonde leefstijl, door de samenwerking met zorgaanbieders in Lunteren op te zoeken. Ik zou het mooi vinden om op het gebied van roken of vapen, beweging en gezonde voeding iets voor het dorp te kunnen betekenen. Voorkomen is immers altijd beter dan genezen.’
- Jessika
Bron: Barneveldse Krant
Auteur: Lieke van der Made